Tennis is normaal gesproken een vrij serieuze, maar ook luxe
sport. Ga maar na: je ziet veel witte kleding en tijdens grandslamtoernooien
zoomt de camera altijd in op beroemde mensen met poen. Nintendo doet iets
anders: die maakt sport voor iedereen toegankelijk zonder opsmuk.
Veel sporten draaien om jaren oefenen en technieken
perfectioneren. Datzelfde geldt voor tennis. Het is een sport van discipline,
opoffering en eindeloze training. En dan is het nog steeds maar de vraag of je
de volgende Djokovic of Sinner wordt.
In Mario Tennis Fever werkt tennis net even anders. Daar
kan een loodgieter het opnemen tegen een draak, een spook tegen een aap en zo voort. Niemand kijkt daar vreemd van op. En denk maar niet dat deze
helden of schurken op hun voeding letten of jaren trainen. Nee hoor, er wordt ‘gewoon’
een racket opgepakt, niet te serieus én dat is precies waarom het werkt.
Sterker nog: dat is precies waarom het werkt.
Wanneer tennis compleet ontspoort
Als je voor het eerst een potje speelt, denk je misschien
nog dat het gewoon tennis is. De slagen komen rechtstreeks uit de echte wereld.
Je plaatst een forehand, gebruikt eens een lob of een slice, net echt toch?
Maar niets is wat het lijkt. Wacht maar totdat iemand ineens
een Fever-slag activeert.
Het nieuwste deel, Mario Tennis Fever, introduceert namelijk
een systeem met tientallen verschillende Fever-rackets, elk met een
eigen effect op de wedstrijd. Plots verandert de baan in ijs, modder of zelfs
een soort vulkanisch slagveld terwijl de rally nog bezig is.
En dan zijn er natuurlijk de kleurrijke personages. Geen
Alcaraz, Zverev of Tsitsipas. Nee, personages als Mario, Peach, Wario, King
Boo en zelfs Baby Waluigi domineren de baan. Probeer dat maar eens uit te
leggen aan iemand die alleen Wimbledon kijkt!
Een sport voor mensen die niet goed zijn in sport
Maar wat is nou hét succes van al die sportgames uit de stal
van Nintendo, met in het bijzonder de Mario Tennis-reeks die altijd terugkeert?
Het is een combinatie van factoren. Dit soort games draait
om plezier en ze zijn bedoeld voor iedereen van jong tot goed. Een stukje
psychologie is misschien wel een van de belangrijkste redenen.
Niet iedereen is goed in sport. Niet iedereen kan serveren
zoals Djokovic, laat staan met zijn lenigheid elke bal nog terug te slaan. Niet
iedereen heeft de timing, de reflexen of de conditie om echt goed te zijn op
een tennisbaan.
Voor iedereen: Van jong tot oud
Maar een controller vasthouden? Dat kan bijna iedereen.
Nintendo begrijpt dat al jaren. Sportgames in het
Mario-universum zijn toegankelijk. Je kan een controller voor het eerst oppakken
en zomaar een potje meedoen. Natuurlijk ken je dan niet meteen alle details, maar
dat is niet nodig om toch meteen plezier te hebben en te kunnen winnen.
Onervaren kan bovendien juist zorgen voor een stukje hilariteit. Want juist
als iemand (nog) niet echt goed is, ontstaan de meest chaotische potjes. Heerlijk!
Het maakt niet uit of je perfecte timing hebt. Het maakt
niet uit of je tactisch speelt zoals een pro. Soms win je gewoon omdat Mario
een absurde smash slaat terwijl de baan plotseling verandert.
Mario Tennis laat zien dat sport niet altijd draait om
winnen of om iets waar het individu altijd voorop staat. Soms draait het gewoon
om lachen wanneer een een aap een spook verslaat op een tennisbaan. Keihard lachen.
Daar teken je toch voor?