Pid draait om het onschuldige jochie Kurt, dat onfortuinlijk genoeg in de bus in slaap valt en ver van zijn woonplaats uitstapt. Geen probleem, zou je denken. Je pakt immers de eerstvolgende bus weer terug. Die blijkt helaas niet te rijden en dus zit er voor Kurt niets anders op dan de benenwagen te nemen. Zijn tocht leidt hem langs allerlei kamers binnen een onheilspellend kasteel, van de stoffige bibliotheek tot perfect opgemaakte dinerhallen. Nee, het is absoluut geen alledaagse tocht die de jonge Kurt meemaakt.

Klinkt bekend
Voor frequente indiegamers zal het concept waarschijnlijker bekender overkomen. Pid volgt namelijk een patroon dat inmiddels vrijwel klassiek te noemen is wanneer het gaat om kleine indiegames. Net zoals games als Limbo is Pid voorzien van een bijzonder verhaal, een uniek stijltje en een tamelijk traditionele platformgameplay met een twist. Doet dat af aan de kwaliteit van de game? Absoluut niet. Het zorgt er wel voor dat de inherente ‘magie’ van indiegames minder effectief wordt en spelers waarschijnlijk minder onder de indruk zijn. Dan blijft in het geval van Pid simpelweg een degelijke game over.

Een spel met ballen
Pid is dus een platformer met een twist. Die twist resulteert in dit geval in een puzzelelement dat al vroeg in de game wordt geïntroduceerd. Kurt struikelt in zijn tocht naar huis namelijk over twee bijzondere bolletjes, die goed van pas komen. Door een bolletje op een oppervalk te gooien – ze blijven vrijwel overal aan plakken – ontstaat een kleine zwaartekrachtstraal die alles van zich vandaan duwt. Gooi je zo’n bolletje op de grond dan creëer je dus een soort lift. Een balletje tegen een muur beweegt je juist naar links of rechts. Je kunt twee bolletjes tegelijk gebruiken en op die manier dien je talloze obstakels te omzeilen, vijanden te misleiden en eindbazen te verslaan.

Sommigen van jullie zullen in de bovenstaande omschrijving wellicht min of meer de zwaartekrachtstralen van Portal 2 herkennen. Dat is inderdaad een goed uitgangspunt, behalve dat het element in Pid verheven is tot Kurts belangrijkste hulpmiddel. Zo zal je de bolletjes dikwijls gebruiken om vijanden in een plafond vol stekels te laten zweven, of omzeil je juist zelf die stekels door tactisch de stralen te plaatsen. Het spel weet je telkens nieuwe uitdagingen voor te schotelen en houdt je de gehele game bezig. Voeg daarbij dat je nu en dan extra hulpmiddelen zoals bommen krijgt en je verveelt je niet gauw.

AAARRGGHH
Waar je in Pid wel voor moet oppassen, is de nodige frustratie die de game met zich meebrengt. Het spel heeft namelijk her en der momenten die gegarandeerd voor irritatie zorgen door de moeilijkheidsgraad plotseling even flink op te schroeven of een ongewoon aantal uitdagingen aan elkaar te rijgen. Doorgaans is het spel tamelijk genereus met checkpoints en is het dus niet erg om een stukje opnieuw te doen, maar het komt voor dat er plotseling twee of drie moeilijke obstakels aan elkaar geplakt worden. Als je dan bedenkt dat je zonder een speciale power-up bij de eerste de beste klap neergaat, kun je je voorstellen dat sommige momenten frustrerend kunnen zijn. Dit komt ook voor bij eindbazen die een foutloze executie vereisen, je vragen om een patroon perfect te beheersen én tegelijkertijd projectielen te ontwijken. Op dergelijke momenten is de relatief trage gameplay niet de meest ideale.

Lust voor het oog
Ondanks irritatiepuntjes als deze kunnen we iedereen die houdt van sfeervolle indiegames Pid van harte aanraden. Want net als een Limbo of Bastion barst de game van die heerlijke sfeer waar kleine indie-ontwikkelaars alleenrecht op lijken te hebben. Door middel van zachte kleuren, een erg charmant stijltje en een geweldige jazzy soundtrack weet het spel compleet te overtuigen. Sterker nog, vanaf het eerste moment zal je waarschijnlijk al voor het uiterlijk vallen: als Kurt uit de bus stapt en twee oude robots – compleet met baard, snor en bolhoed – semi-depressief bij de bushalte ziet zitten, ben je verkocht.

Mocht je zo’n gemoedelijke sfeer maar niks vinden, dan is het mogelijk om via lokale co-op een vriend bij de game te betrekken om je door het avontuur te loodsen. Een probleem is echter dat de game je enkel aan het begin de keuze geeft om het spel in singleplayer of co-op te spelen, waardoor een drop-in, drop-out systeem ontbreekt. Verder is de modus niet online te spelen. Je zult dus knus met z’n tweeën achter één toetsenbord moeten plaatsnemen. De vraag is echter of je dat wilt, want de co-op geeft elke speler de macht over één bolletje en het vereist flink wat teamwork om dan de levels te doorkruisen. In de praktijk blijkt het een stuk makkelijker om dit op eigen houtje te doen.

Prima ritje
Pid biedt een ritje naar wat inmiddels typisch indiegame-territorium is: een bijzondere wereld met een geslaagde audiovisuele presentatie, een sterke sfeer en platformgameplay met een interessante twist. Dat de eerste game van ontwikkelaar Might and Delight niet perfect is, moeten we helaas op de koop toe nemen. De onvermijdelijke frustratie en weinig geslaagde co-op weerhouden de game ervan een topper binnen het genre te worden, maar desondanks kun je met een gerust hard een kaartje voor de rit kopen.