In 2009 verscheen Mini Ninjas op diverse platformen. In een actie-adventuresetting rende je als ninja rond en kreeg je lessen van je sensei (leermeester) die je meteen daarna kon toepassen op vijandjes die je een kopje kleiner wilden hakken. XGN gaf de game een 7,3 omdat het spel simpel maar toch zeer vermakelijk is. XGN-collega Max vond dat de sfeer goed was en dat Mini Ninjas bewijst dat er geen bloedvergieten nodig zijn om een leuke ninjagame neer te zetten.

Dat concept wordt in Adventures ietwat omgegooid, want hierin bestuur je de game niet met de controller, maar met Kinect. Je wandelt bovendien niet rond, maar je ziet de rug van je ninja en die wordt vervolgens aangevallen door gemeneriken die vanuit het veld op hem afkomen. In eerste instantie weet je natuurlijk niet wat je moet doen, maar dan zit gelukkig je sensei nog op een boomstronkje naast je om je te vertellen hoe het allemaal in zijn werk gaat.

Schuifelen?
Dat is gelukkig heel simpel. In eerste instantie is het alleen een zwaard dat met de rechterarm wordt vastgehouden om de boeven te slaan en later leer je dat je door te schoppen de vijanden tijdelijk uit je weg kunt ruimen. Ze komen niet alleen recht op je af, dus soms moet je voor je televisie opzij stappen om ook rechts of links in beeld te kunnen kontschoppen. Dat werkt heel soepel. Kinect werkt goed met deze game en je ziet je ninja direct heel schattig met zijn voetjes naar de plaats schuifelen waar jij hem heen manoeuvreert vanuit de huiskamer.

Hoewel de gameplay zeer anders is dan die van het eerste deel in de Mini Ninjas-serie, is de sfeer weer precies zo fantastisch als in zijn voorganger. Er hangt een heel rustgevend sfeertje met hier en daar wat geluiden die zo uit een Japanse samuraifilm kunnen komen. Soms verandert de omgeving van een veld met hoog gras naar wat kalere landschappen met Japanse tempels. In ieder geval wandelen er niet alleen vijanden in je beeld, maar ook uiterst aandoenlijk vosjes, kipjes en konijntjes, dus zelfs al zie je van je hoofdrolspeler alleen de rug en het vlugge voetenwerk, er is altijd iets leuks te bekijken.

Er zijn in totaal 21 levels te spelen, inclusief eindbaaslevels. In eerste instantie lijkt het spelletje weinig om het lijf te hebben, maar na elk paar levels leer je weer een nieuwe vechtmethode zodat je naast het pakken van je zwaard, ook kunt kiezen om vijanden verder weg neer te schieten met pijl en boog of werpsterren te gooien op twijfelachtige slechteriken die bijna bij je zijn, maar net iets verder blijven staan dan je zwaard reikt. Het zijn stuk voor stuk grappige manieren om je vijanden af te maken en het leukste is dat je ze ook moet wisselen door - in het geval van pijl en boog - net te doen alsof je een pijl uit je rugtas pakt.

  

Upgradesysteem
Hoe meer samurai en gemene ninja je te pakken neemt, hoe meer muntjes jouw kant opkomen. Met die muntjes verdien je upgradepunten, om je vaardigheden beter te maken. Je kunt bij genoeg punten kiezen om de impact van je aanvallen te vergroten of je eigen gezondheid wat beter te maken. Je merkt helaas weinig van die upgrades als je vervolgens verder speelt, dus dat is jammer. Toch is het aan te raden vooral je gezondheid wat op te krikken, want dat komt goed van pas in het eerste eindbaasgevecht. Je zal hier waarschijnlijk een paar keer sterven voordat je door hebt wat de bedoeling is.

Dat is aan de ene kant frustrerend, maar aan de andere kant is het leuk om zelf op zoek te moeten naar de oplossing om van het enorme wezen af te komen. Over het algemeen wordt alles in deze game je voorgekauwd; hoe je moet bewegen, hoe je moet vechten en later ook hoe je magie moet gebruiken. Het is verfrissend om dan bij zo’n bullebak zelf te ontdekken hoe je onder die ene aanval uitkomt zonder het loodje te leggen.

Voor 800 Microsoft Points zul je aan Mini Ninjas Adventures veel plezier beleven, maar het is af te raden de game lang achter elkaar te spelen. Uiteraard wordt een game waarin steeds hordes vijanden op je afkomen best een beetje repetitief, maar er is nog een andere reden waarom je jezelf best wat rust mag geven tussen levels in. Vooral het zwaardvechten hakt er namelijk flink in voor de rechterarm en dat kan een dag later voor een zure arm zorgen met wat welverdiende spierpijn. Aan de ene kant is dat lastig als je gewoon moet werken of naar school moet, maar aan de andere kant hoort zo’n lijdensweg natuurlijk wel bij het leven van een ninja.

Feilloze familiegame
Spierpijn daargelaten, verder is Kinect een goede keuze geweest voor Adventures. Kinect mag dan minder dynamisch lijken omdat je geen afstanden meer kunt wandelen, maar ontwikkelaar Side-Kick heeft zijn game goed ontwikkeld waardoor de besturing feilloos werkt en de game niet sloom of saai aanvoelt. Het is bovendien een duidelijke game die dezelfde Japanse sfeer ademt en ook nog eens dezelfde schattigheid en geluidjes kent als het eerste deel. Dit resulteert in een zeer geschikte familiegame, die voor heel wat uurtjes plezier zal zorgen.